|
|
De communicatie
tussen de baas en de hond is natuurlijk van zeer groot
belang, de hond kan niet praten, maar begrijpt de baas
vaak feilloos. Maar begrijpt de baas de hond ook zo
goed?
Vaak wordt
geroepen ohhh!!! die hond is dominant of wat een
angsthaas. Maar is dit altijd terecht, of herkennen de
mensen de juiste signalen niet. Een dominante hond hoeft
niet altijd een moeilijke hond te zijn, hij kan heel
evenwichtig zijn en rustig van aard. Een nervouse hond
kan je aan werken, hierbij heb je ook zelf veel in de
hand, dit geldt natuurlijk ook voor een angstige hond, u
zult hem moeten leren dat het best alemaal wel meevalt
en hem/haar het zelfvertrouwen moeten bijbrengen. Met
veel geduld en liefde komt u heel ver, maar verwacht
niet te veel wonderen in een kort tijdbestek.
|
|
|
In de vorige edities van
Tibetanen taal hebben we veel lichaamshoudingen afzonderlijk
besproken, zoals lichaamshouding, gelaatstuitdrukkingen,
typerende blafgeluiden en staartsignalen. Toch blijft de vraag
bij mensen rijzen heb ik een dominante hond, of onzekere hond,
en hier wordt vaak bij de nestkeuze al vraag naar gedaan, is
de pup dominant, of hij is een beetje bang, want hij komt niet
gelijk naar me toe. Natuurlijk op het moment dat u de fokker
bezoekt, krijgt u alleen een moment opname te zien, en als de
pup eenmaal in uw huiskamer rond stapt, wordt het karakter
naarmate hij ouder wordt u steeds meer duidelijk. Een eerlijke
fokker kan u dan ook meer verslag doen van het karakter van de
pups, daar hij deze dagelijks meemaakt en zijn gedragingen kan
gade slaan in verhouding tot zijn nestgenootjes. Let hierbij
wel op, want uw opvoeding speelt hierbij een zeer grote rol,
het karakter vormt zich ook naar uw gedrag tegenover uw hond.
Een pup die alles mag, en waarvan u alles goed
vindt kan zich dominant op gaan stellen, want een hond is nu
eenmaal een roedeldier waarbij hij een leider nodig heeft, is
deze niet aanwezig dan zal hij/zij zelf het heft in handen
gaan nemen.
Een hond waarbij u
constant bovenop zit, en hij/zij krijgt niet de kans om zich
te vormen, kan neigen naar nervous gedrag. Een hond die
constant wordt opgepakt in vreemde situaties en
hier niet op een
positieve manier wordt doorgeloosd kan een angstig gedrag gaan
vertonen.
Natuurlijk heeft hij van
huis uit ook eigenschappen die meer naar dominantie, of angst
neigen,
daarom is het van groot
belang dat u hier juist op inspringt.
Naarmate uw pup in zijn
puberteit komt, komen deze eigenschappen steeds meer
naar boven, en dat is dan ook het moment dat u juist moet
handelen. Dit is natuurlijk ook niet vreemd, want hier
spelen ook zijn/haar hormonen een grote rol. Hij/zij blijkt
ineens minder vriendelijk te zijn voor de buurthond of ineens
is de vuilnisbak van de buren eng, hij druft er niet langs,
terwijl deze er toch al heel lang stond. Speel hier juist op
in!!! Schrikt de hond van de dingen die er normaal ook waren,
praat hem/haar er rustig doorheen en moedig hem/haar aan in
het positive gedrag. Vertoont hij/zij agressief gedrag, laat
hem/haar duidelijk weten dat u dit niet tolereert, daarintegen
vergeet hem/haar niet te belonen als hij zich hersteld en
netjes gedraagt, want het positive belonen heeft vaak meer
effect, dan alleen het negative straffen. Het wordt hem dan
gewoon duidelijk wat u van hem verwacht.
Hoe herkent u dominate
gedrag?
Een zelfverzekerde hond
toont zich door zijn lichaamshouding:
- De kop is omhoog en
naar voren gericht
- De oren staan naar
voren
- De mondhoeken zijn
naar voren gericht
- De ogen staan naar
voren
- De rug van de hond
staat hol
- De poten staan stijf
en stram onder zijn lichaam
- De staart is omhoog
gericht
Dominante gedragingen
van hond naar hond zijn bijv.
- Over de bek bijten of
happen in de nek
- Kop of poot op andere
hond leggen
- Over of naast een hond
die ligt gaan staan
- Op een heuvel gaan
staan
- Het rijden op andere
honden, zowel teven als reuen
- Het verdedigen van
voedsel
Dominante gedragingen
van hond naar mens zijn bijv.
- Het happen in
broekspijpen/mouwen/handen
- Kop of poot op schoot
leggen
- Opspringen
- Over of naast iemand
die ligt gaan staan
- Het rijden op arm of
been (gebeurt vaak bij kinderen)
- Het verdedigen van
speeltjes/kluiven/voerbak
- Poot optillen tegen
elke boom (afbakenen territorium)
- Trekken aan de lijn
(in bepaalde situaties)
- Aandacht opeisen
- Huis verdedigen
Een hond die onderdanig
is heeft een geheel andere lichaamshouding. Hij maakt zich
klein:
- De kop is omlaag en
wordt wat ingetrokken
- De oren liggen plat
naar achteren
- De mondhoeken staan
neutraal of naar achteren
- De ogen staan normaal
of naar achteren
- De rug staat neutraal
of bol
- De poten kunnen
neutraal of wat ingezakt staan
- De staart staat laag
of wordt geheel onder de buik getrokken
Ook wat betreft de gedragingen van een onderdanige
hond is er een heel ander beeld dan bij dominante honden. Als
de baas bijvoorbeeld op de grond gaat liggen gaat de
onderdanige hond ook liggen en zal in een extreem geval zelf
onder hem proberen te kruipen.
Er zijn ook honden die
geestelijk dominant zijn, maar lichamelijk onderdanig.
Sommige honden vinden
het leuk om opgetild en geknuffeld te worden, maar dat moet
dan wel op een moment gebeuren dat zij dat willlen. Andersom
geldt ook dat er bepaalde honden dominant kunnen lijken, maar
dit niet zijn.
Een hond is niet altijd
dominant en is ook niet altijd onderdanig. Het hangt er maar
net vanaf wat de situatie is en wie of wat hij tegenkomt. We
spreken dan ook eigenlijk alleen van een dominante hond in
relatie tot een andere hond of mens. De hond is dus dominant
naar de ander toe. Omgekeerd geld voor een onderdanige hond
natuurlijk hetzelfde.
Agressie bij honden komt
in vele vormen voor. Het wordt beinvloed door sexe, leeftijd,
grootte, hormonen, territorium persoonlijke afstand,
hierarchie en voregere praktijk ervaringen. Agressie kan uit
angst of dominantie ontstaan. Dominantie en agressie zijn dus
geen synoniemen.
Onzekerheid:
Een onzekere hond zie je
vaak van voren iets anders doen als van achteren bijvoorbeeld
de oren naar voren maar de staart laag. Dit is eigenlijk
tegenstrijdig, hieruit blijkt onzekkerheid.
Een andere manier om
onzekerheid te laten zien is het vertonen van stress-signalen.
Stress-signalen:
- Verstarren is een
duidelijk stress-signaal, vaak is de hond dan te bang om weg
te lopen, ook is het vaak een directe voorbode van een
aanval! Het
heffen van een voorpoot (zoals sommige jachthonden doen) zie
je vaak in situaties van, mag ik er wel of niet achteraan.
- Trillen, gapen (terwijl hij niet moe is of het warm heeft)
- Uitschudden (terwijl
zijn vacht niet vies, nat of door de war is), tongelen dit is
het snel even uitsteken van de tong (doet een beetje denken
aan wat
reptielen doen; het puntje van de tong laten zien).
- krabben bijvoorbeeld achter zijn oor. Stel je roept
je hond en die denkt zal ik wel of zal ik niet op zo'n moment
stelt hij de beslissing nog even
uit door
zich achter de oren te gaan krabben (dit doen mensen ook) of
ineens zogenaamd aandachtig de grond te besnuffelen.
Stress-signalen geven
aan dat de hond zich onprettig voelt, komt er meer druk op de
hond nemen de stress-signalen in hevigheid toe.
Een beetje stress kan
geen kwaad, te veel stress wel.
Bij elk leren krijg je
stress, bij mens & dier.
Bij positieve
trainingsmethodes d.m.v. koekjes en/of clicker zie je wel
minder stress als bij harde trainingsmethodes.
Verder zie je
stress-signalen in situaties waarin geen vluchtweg is, een
hond die benaderd wordt terwijl hij in de hoek zit, aan het
uiterste puntje van de riem loopt kan geen kant op.
Hij kan de dreiging van
de benadering alleen nog doen stoppen door agressie.
Vaak durft hij eigenlijk
niet agressief te zijn (dus stress!!) maar zit er niet anders
op als mensen in zo'n situatie toch doorlopen of pushen.
Al met al probeer elkaar te
begrijpen in verschillende situaties, zodat zowel uw hond als
u elke situatie de baas kan, en u met elkaar op een prettige
manier door het leven kan.