Heupdysplasie (HD)
Wat is heupdysplasie?
Heupdysplasie betekent
letterlijk "heupmisvorming" en wordt meestal aangeduid met de
afkorting "HD".
Heupdysplasie is een
afwijking aan de heupgewrichten waarbij de ontwikkeling van de
heupen bij een jonge, opgroeiende hond niet normaal verloopt
en de gewrichten ernstig misvormd kunnen worden.
Oorzaken van HD:
1. Erfelijke
eigenschappen:
Dit is de meest
belangrijke factor. HD is echter niet 100% erfelijk. Tot nu
toe is er geen Gen (of Genen) geïdentificeerd welke
verantwoordelijk is voor HD.
HD is dus door selectief
fokken nooit volledig te elimineren.
2. Overvoeding:
Pups die te dik zijn
tijdens de groei hebben een verhoogd kans om later HD klachten
te ontwikkelen. Grote honden hebben vaker last van HD, maar
dit gaat niet altijd op. Rassen zoals de Barsoi en de
Siberische Husky hebben zelden last van HD.
3. Percentage
lichaamsvet:
Rassen die weinig
lichaamsvet hebben zoals b.v. de Ierse Wolfshond hebben minder
last van HD.Rassen die veel lichaamsvet hebben b.v. de Sint
Bernard hebben kunnen daarentegen meer last van HD hebben.
4.Beweging:
Te weinig beweging is
slecht voor de ontwikkeling, maar ook verkeerde beweging zoals
veel trappen lopen de hele dag door.
5.Spierontwikkeling:
Als de spierontwikkeling
onvoldoende wordt opgebouwd kunnen de heupen het
zwaarder te verduren krijgen, wat de kans op HD kan
vergroten.
6. Groeisnelheid:
Pups die te snel groeien
(vaak door té veel voer of door de hele dag eten ter
beschikking te stellen) hebben ook een verhoogde kans dat ze
HD kunnen ontwikkelen.
7. Slechte voeding:
Teveel aan mineralen (oa
calcium en fosfor), te energierijk voer, of teveel eiwitten is
slecht voor de botontwikkeling, en kan hiermee de kans op HD
vergroten.
HD is een
multifactoriële ziekte (er zijn veel oorzaken)
Waarschijnlijk zijn niet
alle oorzaken bekend.
HD voorkomen:
Om te zorgen dat uw pup
zo min mogelijk last kan krijgen van HD kunt u tijdens de
groeifase op de volgende punten letten:
- Geef goede
voeding, niet te energierijk en ook niet te eiwitrijk.
- Geef geen extra
voedingsstoffen bij, teveel mineralen is erg slecht voor de
botten.
- Niet té veel
voeding geven. Laat uw pup niet dik worden. De ribben moeten
zonder al teveel druk nog te voelen zijn.
- Belast de heupen
niet te zwaar, vooral in de groeiperiode.
- Laat uw hond niet
teveel trap lopen, lange afstanden lopen, veel springen, veel
met de bal spelen,stokken gooien. Ongeschikte bewegingsvormen
zijn korte draaibewegingen.
- Wel mag uw hond
zwemmen,vanaf 12 maanden langs de fiets (wel gedoseerd.Onder
fietsen wordt verstaan een (sukkel)drafje.De lengte van de
fietstocht hangt met name van de jonge hond af; de hond mag
wel moe, maar niet oververmoeid raken.) , vaker korte
afstanden lopen,(Met name "rechtlijnige beweging" is voor de
ontwikkeling van de bekkenspieren belangrijk), vaker aan de
lijn uitlaten en af en toe zijn bewegingsvrijheid beperken
door b.v. als U enkele uurtjes weg moet de pup in een
bench/kennel te zetten zodat uw pup ook kan rusten.
- Natuurlijk
verdient iedere hond een aangename, normale jeugd, maar denk
als eigenaar terdege aan bovenstaande punten
Aanschaf van een hond en de
stamboom:
Bij de meeste rassen
zijn de fokkers verplicht om de heupen van de teef en de reu
waarmee gefokt gaat worden eerst officieel te laten röntgenen.
Pas als de HD onderzoek commissie van de Raad van Beheer op
Kynologisch gebied in Nederland de foto's heeft gekeurd en
goed bevonden, heeft de fokker toestemming om met ze te
fokken.
Wij, als fokker van de
Tibetaanse Terriër laten al onze reuen en teven waarmee gefokt
wordt onderzoeken op HD. Als U een Tibetaanse Terriër pup wil
aanschaffen ,en u
bezoekt een fokker, vraag dan altijd naar een
certificaat van de ouderdieren van de HD uitslag van de Raad
van Beheer.(voorbeeld HD uitslag zie afbeelding HD uitslag)
Op de stamboom van uw
aangeschafte pup word de HD uitslag van de ouderdieren
ook vermeld. Een Tibetaanse Terriër moet minimaal de leeftijd
van 12 maanden hebben bereikt om officieel onderzocht te
kunnen worden op HD. De grotere rassen worden meetal op iets
latere leeftijd onderzocht. De fokkers aangesloten bij onze
Tibetaanse Terriër Nieuwssite staan u graag te woord als u
meer vragen mocht hebben over HD.
Röntgenfoto:
De röntgenfoto wordt in
rugligging genomen. Hierbij worden de achterpoten gestrekt en
tevens worden de achterpoten gedraaid. (zie figuur a). Veel
honden accepteren dit niet. Daarom kan het nodig zijn om een
licht roesje te geven.
HD uitslagen:
De uitslag van de HD
commissie wordt in codes weergegeven:
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
|
HD-D
niet geschikt
voor de fok |
HD-E
niet geschikt
voor de fok
| |
|
|
HD-A betekent dat de
betreffende hond geen verschijnselen van HD heeft
HD-B betekent dat de
betreffende hond een overgangsvorm laat zien(iets ondiepe
kommen, of wat vlakkere kop,iets meer speling tussen kop en
kom)
HD-C betekent dat er wat
afwijking kan zijn aan het bot, en er al wat arthrose vorming
aanwezig kan zijn.(Een hond met de kwalificatie HD-C zou
alleen maar gepaard mogen worden met een HD-A partner)
HD-D Dit betekent dat de
heupen van betreffende hond meerdere matige afwijkingen laten
zien zoals ernstige botwoekering,veel speling tussen heupkop
en kom.
HD-E Dit betekent dat er
zeer ernstige afwijkingen te zien zijn aan heupkom en kop.
Klachten die voorkomen bij
HD:
Door misvorming kan het
heupgewricht niet normaal bewegen en is de beweging van de
hond beperkt. Hierdoor kunnen de volgende klachten ontstaan.
- Moeilijk opstaan
- Stram lopen
- Geen lange
afstanden kunnen lopen
- Door de
achterpoten zakken
- Kreupelen met één
of beide achterpoten
- Stijve
heupgewrichten,of de achterpoten niet ver naar achter kunnen
strekken
Deze klachten kunnen
licht,maar ook zeer ernstig zijn. De afwijkingen die op de
röntgenfoto zichtbaar zijn zegt absoluut niks over de klachten
van de hond.
Hond met HD:
Wanneer de hond geen
klachten vertoont is behandeling niet nodig en gelukkig kunnen
veel honden ondanks hun HD prima als huishond functioneren. De
kans op problemen blijft echter bestaan en zal toenemen
naarmate meer van de hond wordt geëist (zoals bijvoorbeeld bij
behendigheid bij de TT) en naarmate de hond ouder wordt.
HD is niet te genezen,
maar in veel gevallen wel te behandelen.
Misvormingen van de
heupgewrichten kunnen, eenmaal aanwezig, niet meer ongedaan
worden gemaakt.
Een behandeling zal dan
ook vooral gericht zijn op de revalidatie van de afwijkende
heupgewrichten:
- overmatig
lichaamsgewicht voorkomen of drastisch verminderen
(vermageren) om onnodige belasting van de heupgewrichten te
voorkomen;
- regelmatige
lichaamsbeweging om de gewrichten minder stijf te doen worden
en proberen de bespiering te bevorderen (vaak korte stukjes
uitlaten, lichte looptraining,
zwemmen);
- pijnbestrijding
als ondersteuning van de revalidatie (injectie of medicijnen),
en/of eventueel operatief ingrijpen.
Uitleg bij
heup(tekening)
Fig. 1: De bolronde
dijbeenkop (a) sluit goed aan bij de voldoende diepe bekkenkom
(b).
Fig. 2: Slechte
aansluiting van de normaal gevormde dijbeenkop in de normaal
gevormde bekkenkom.
Fig. 3: De aansluiting
van de dijbeenkop in de bekkenkom is onvoldoende. De kop is te
vlak en de kom is te ondiep.
Fig. 4: Vlakke
dijbeenkop, ondiepe bekkenkom en de botwoekeringen rond de kop
en de kom.
PATELLA LUXATIE
Wat is Patella?
Patella is de officiële
naam voor de knieschijf. Een patella-luxatie betekent een
verschoven knieschijf. Er zijn verschillende vormen van
luxaties. De meest voorkomende is de luxatie naar mediaal
(naar de binnenzijde). Dit komt vaker voor bij kleinere
hondenrassen. De luxatie naar lateraal, waarbij de knieschijf
aan de buitenzijde voelbaar is, komt vaker voor bij de grotere
hondenrassen, vaak in combinatie met een draaiing van het
dijbeen. Deze laatste vorm is zeldzaam. We zullen dan ook
alleen de "luxatie naar mediaal"beschrijven.
Het kniegewricht is de
verbinding tussen dijbeen en scheenbeen. Aan de voorzijde
onderaan het dijbeen loopt een sleuf waar de knieschijf
doorheen glijdt. Aan boven en
onderzijde van de knieschijf zit de kniepees die
op haar beurt weer vastzit aan een beenkam bovenaan voorop het
scheenbeen. Bij sommige honden is de sleuf in het dijbeen niet
diep genoeg, en zit de aanhechting van de kniepees iets te ver
naar binnen. De knieschijf kan dan gemakkelijk uit de sleuf
naar binnen schieten (afglijden). Dit noemen staat bekend als
"patella-luxatie".
De klachten van de hond
hangen af van de ernst van de luxatie. We kennen verschillende
vormen; Als de knieschijf er slechts af en toe afschiet,
spreek je van een habituele patella subluxatie. Honden die dit
hebben, lopen slechts af en toe een paar passen met een poot
opgetrokken. De knieschijf is alleen dan van zijn plaats
geschoven. Na een paar stappen schiet hij weer terug en de
hond loopt weer normaal. Wanneer de knieschijf er vaker afligt
en slechts af en toe terugspringt, spreken we van een
stationaire (sub)luxatie. Deze honden hebben problemen met
overeind komen en lopen. Ze gaan met hun achterpoten met
O-beentjes (een soort kikkerpas) lopen. Dit kan zeer pijnlijk
zijn voor de hond. De ergste vorm is wanneer de knieschijf er
totaal afligt en ook niet meer op z'n plaats is terug te
leggen. Deze dieren kunnen niet normaal staan en moeten als
het ware roeien met hun achterpoten om vooruit te komen. Soms
lopen ze alleen op hun voorpoten!! Bij onderzoek moet niet
alleen naar de ligging van de knieschijf gekeken worden maar
ook naar de stand van het dijbeen. Verder zijn de kromming van
de beenkam op het scheenbeen en de diepte van de sleuf in het
dijbeen van belang. Ook zien we in combinatie met een patella
luxatie nog wel eens andere knieproblemen zoals gescheurde
kruisbanden of extreme gewrichtsslijtage.
Dieren met een patella
subluxatie, waarbij de knieschijf maar heel af en toe luxeert
hoeft niet perse geopereerd te worden. Als de knieschijf vaker
van zijn plaats schiet, of zelfs permanent verkeerd ligt moet
er worden ingegrepen. De enigste manier is dan operatief. Bij
een subluxatie is het vaak voldoende om de aanhechting van de
kniepees een stukje te verplaatsen door de beenkam bovenaan
bet scheenbeen los te maken en op de correcte plaats weer vast
te zetten. Als ook de sleuf in het dijbeen (knie) te ondiep is
kan deze worden uitgediept. Vroeger gebeurde dit door in het
dijbeen een nieuwe sleuf te frezen. Nadeel hiervan was dat het
gewrichtskraakbeen onherstelbaar beschadigd werd.
Daarom kiezen we nu liever een oplossing
waarbij dit kraakbeen zoveel mogelijk gespaard
blijft. Hiernaast wordt ook het gewrichtskapsel strakker
aangetrokken zodat de knieschijf beter op z 'n plaats ligt. De
behandeling verschilt dus van geval tot geval en is
afhankelijk van de ernst van de aandoening.
Erfelijkheid
De aandoening is
erfelijk. Het is daarom raadzaam niet te fokken met dieren met
een duidelijke luxatie. De precieze wijze van overerving is
onbekend, maar zal waarschijnlijk op meerdere factoren
berusten, net zoals b.v. bij H.D. (heupdysplasie).
Afgezien van een
gericht fokprogramma is er geen manier om luxaties te
voorkomen. Traplopen, springen en dergelijke hebben geen
directe invloed op het ontstaan van een luxatie.
Ook bij de Tibetaanse
Terrier kan patellaluxatie voorkomen.
De fokkers die
aangesloten zijn bij de Tibetaanse Terrier Nieuwssite laten al
hun honden die worden ingezet voor hun fokprogramma
onderzoeken op patellaluxatie.