Doofheid binnen de Tibetaanse Terrier
(een enkele keer kan het voorkomen dat een Tibetaanse Terrier eenzijdig of tweezijdig doof is)

De aangeboren doofheid bij Tibetaanse Terriers, wordt vooral waargenomen bij Tibetanen die een wit hoofd hebben zonder kleur aan de oren, doch ook Parti-Colors met wit en zelfs andere kleuren kunnen een aangeboren doofheid hebben.

Fokkers dienen ook in hun fokprogramma hier rekening mee te houden en niet te veel op Wit en Parti-Colors te fokken. Ook dienen ouderdieren getest te zijn die deze kleur hebben. Dit is geen verplichting maar een goede fokker houd hier zeker rekening mee!!





BAER test bij Tibetaanse Terrier




Gehoor van de hond

Het gehoor van een Tibetaan is beslist superieur aan dat van een mens. Testen wezen uit dat een hond geen gevolg geeft aan geluiden tot in de derde levensweek. Vanaf dat ogenblik gaat het gehoor een grote rol spelen in hun leven. Honden hebben niet alleen 'grote oren' in vergelijking met de mens, maar kunnen die ook bewegen ! Zes honderdsten van een seconde volstaan voor een hond, om een geluid te lokaliseren ! Met één oor vangt hij het geluid op en het andere gebruikt hij voor de 'fijnafstelling'. Een hond kan ook geluiden waarnemen die
vier keer zo ver verwijderd zijn als de geluiden die wij als mens kunnen waarnemen. Een hond hoort een geluid niet 'harder', maar wel 'beter' en 'verder', doordat hij er zijn oren perfect kan op afstemmen. 'Lange' geluidsgolven of -trillingen worden door hond en mens even goed gehoord, maar van zodra het gaat om 'hogere tonen' is het menselijk gehoor beperkt tot een golflengte van 20.000 hertz. Een hond daarentegen, kan tonen horen tot een bereik van 30.000 hertz. In die zin worden 'hondenfluitjes' gebruikt : die produceren een toonhoogte die tussen de 20.000 en de 30.000 hertz ligt, zodat de mens het niet meer hoort maar de hond wel ! Met hun frequentiebereik zijn honden echter niet de 'supers' van het dierenrijk. Een vleesmuis kan bijvoorbeeld tonen horen tot 95.000 hertz en een dolfijn tot 130.000 hertz.
Het gehoor van een hond is zo 'verfijnd' dat hij 'twee tonen' kan onderscheiden, tot op een achtste toon nauwkeurig. Dit verklaart waarom een hond het motorgeluid van de auto van zijn baas herkent tussen andere motorgeluiden van zelfs identieke wagens.

Doofheid is het onvermogen van een hond om geluid te horen. Doofheid kan aangeboren zijn of ontstaan door externe oorzaken. Bij het laatste moet gedacht worden aan beschadigingen aan het oor of de hersenen door bijvoorbeeld geweld tegen de schedel. Daarnaast kan door infecties of teveel oorsmeer ook tijdelijke doofheid ontstaan.

Aangeboren doofheid kan ontstaan door afwijkingen aan het binnenoor, de zenuwen of de hersenen. Van ongeveer 35 hondenrassen is bekend dat ze last kunnen hebben van aangeboren doofheid. Bij de Tibetaanse Terrier kan het ook voorkomen.

Hoe herkend u doofheid bij een hond:
* de hond reageert niet wanneer u hem roept
* de hond reageert alleen als hij u aankijkt
* de hond slaapt meer dan normaal
* de hond wordt niet wakker tenzij u hem aanraakt
* de hond draait naar de verkeerde kant als u hem roept
* de hond schudt vaak met zijn hoofd
* de hond krabt vaak aan zijn oren

Doofheid kan dus vastgesteld worden door de hond te observeren. Voor het vaststellen van de precieze oorzaak zullen echter testen nodig zijn. Deze testen zullen moeten worden uitgevoerd door een dierenarts. Zie de Baertest hieronder beschreven.

Doofheid die ontstaan is door teveel oorsmeer of een infectie is goed te behandelen. Bij neurologische aandoeningen, zware beschadigingen van het oor of aangeboren afwijkingen kan de doofheid vaak niet behandeld worden. Deze honden kunnen echter nog steeds perfecte huisdieren zijn. Alleen zal bij de opvoeding en omgang met deze dieren rekening gehouden moeten worden gehouden met hun doofheid.

Een doof huisdier vraagt een aangepaste opvoeding. Normaal worden commando’s mondeling geven aan een hond. Bij een dove hond werkt dit niet. Een veel toegepaste methode is het gebruik van handsignalen. Vaak wordt dan ook gebruikgemaakt van dezelfde handsignalen die door doven mensen worden gebruikt. Dit is vooral handig indien de hond tijdelijk naar een pension moet. Op het overzicht van de gebarentaal voor mensen, kan aangegeven worden welke tekens een betekenis voor de hond hebben.

Het is voor een hond niet moeilijk om handsignalen te leren. Een hond communiceert voor een groot gedeelte via zijn lichaamstaal, hij zal dan ook zeer snel doorhebben om de handen in de gaten te houden.

Alle honden moeten worden gesocialiseerd. Dit is vooral bij dove honden een belangrijk aspect. Een belangrijk aspect hierbij is het benaderen van de hond. Omdat de hond niets hoort, kan hij schrikken wanneer hij plotseling wordt aangeraakt of wakker wordt gemaakt. Daarom moet al op vroege leeftijd worden geoefend om de hond of de mand aan te raken wanneer hij slaapt.
Wandelen met een dove hond vraagt extra aandacht. Zo zal een dove hond gevaar niet horen. Elke hond moet de kans krijgen om los te rennen om zijn energie kwijt te kunnen. Om toch contact te houden met de hond moet men zorgen dat men altijd in het gezichtsveld van de hond blijft. Door middel van het zwaaien met de handen overdag of een zaklamp indien het donker is, kan de aandacht van de hond worden verkregen. Het is aan te bevelen om een naamplaatje met de woorden “doof” erop aan zijn halsband te bevestigen. Mocht de hond weglopen dan weet diegene die de hond vindt dat hij doof is.

Een dove Tibetaan kan een fantastisch huisdier zijn. Hij vraagt alleen wat meer tijd en aandacht dan een horende hond.

Doofheid vooral eenzijdige , is niet gemakkelijk vast te stellen, zeker als het jonge pups betreft die nog bij de moeder zijn. Toch is het wel van belang om te weten of de hond eenzijdig doof is, omdat er veel minder dove honden worden geboren uit horende paren dan uit ouderdieren waarvan er één of beide  eenzijdig doof is.

De BAER TEST

Om vast te stellen of een hond geluid kan waarnemen, wordt geluid aan één oor aangeboden waarna electrische stroompjes gemeten worden die in de oorzenuwen en de hersenen hierdoor worden opgewekt, de zogenaamde BAER (brainstem auditory evoked response).

Er worden drie dunne naalden, die met snoertjes verbonden zijn met de BAER-machine (de zogenaamde electroden), onder de huid gestoken; een bij elke oorbasis en een midden op de kop . De gemiddelde hersenactiviteit die meetbaar is nadat 1000 kliks zijn aangeboden, vertoont een kenmerkend patroon van 5 pieken. Bij de beiderzijds horende hond vertonen de BAERs van beide oren een identiek beeld. Is een hond eenzijdig doof dan zijn de BAERs van die zijde sterk afwijkend .Beiderzijds dove honden hebben BAERs van min of meer vlakke registratielijnen. De geringe registratie bij de zijde van het dove oor van een eenzijdig dove hond is te verklaren doordat het niet dove oor de kliks waarneemt als het dove oor geprikkeld wordt, zodat de hersenen toch worden geprikkeld, maar door het andere, niet geteste oor.


Weergave figuur, hieronder afgebeeld: 

a. BAER grafiek in duplo van een normaal horend oor: de eerste piek vertegenwoordigt de activiteit afgeleid van het middenoor en de oorzenuw, (8 ste. kopzenuw). De pieken erna geven van activiteit van de hersenstam weer,
b. BAER grafiek in duplo van een niet horend oor, er wordt geen activiteit in het middenoor en hersenen gemeten. Het resultaat is een hoofdzakelijk vlakke grafiek.
Figuur: BAER test van een halfzijdige horende hond:

Duidelijk is dat bij een normaal horende kat of hond alle grafieken als figuur a te zien zijn en bij een beiderzijds niet-horende alle grafieken als fig. b te zien zijn. Elk oor wordt twee maal getest met een geluidsterkte van 70 dB. Is het oor bij deze sterkte niet horend dan wordt de test herhaald met een geluidsterkte van 90 dB.

Kalmering of verdoving is bij een rustig dier en zeker wanneer het een niet- horend dier is meestal niet nodig. Bij een- en tweezijdig horende dieren mag op verzet gerekend worden en is geringe kalmering soms nuttig om storingen tengevolge van bewegingen van de kop en of spiercontracties te voorkomen.
Optimale response van de baertest mag men verwachten op de leeftijd van 6 weken.


Internationaal wordt geadviseerd niet te fokken met niet-horende dieren.
Ook niet met eenzijdig-horende dieren. Eenzijdig-horende dieren hebben nog wel een oor om te horen, maar zijn wel drager van een genetisch defect . Hiermee fokken zal op termijn meer dove dieren geven (Strain).

SAMENVATTING:

De BAER test levert een objectieve en reproduceerbare en dus betrouwbare, zuivere indruk op van de gehoorfunctie.
Het betreffende onderzoek geeft van zowel het linker als het rechter oor aan, of het desbetreffende oor DOOF of NIET-DOOF is. Het onderzoek kan vanaf de leeftijd van 6 weken uitgevoerd worden.




Officiële erkenning?

Alleen de BAER-test wordt door de Raad van Beheer op Kynologisch Gebied in Nederland en de Federation Cynologique International (FCI) erkend.

De resultaten van de test worden vastgelegd in een officieel onderzoeksrapport "Cochleaire doofheid".


 
Een dove Tibetaan kan een fantastisch huisdier zijn. Hij vraagt alleen wat meer tijd en aandacht dan een horende hond.
En natuurlijk is het van groot belang dat als uw Tibetaan eenzijdig of tweezijdig doof blijkt te zijn dat u uw fokker hiervan op de hoogte stelt, zodat deze hiermee in zijn fokprogramma rekening kan houden.

 
Copyright © Tibetaanse Terrier Nieuws Site